Verslag van de commissaris over de jaarrekening van Limburg.net OV over het boekjaar afgesloten op 31 december 2009
Overeenkomstig de wettelijke en statutaire bepalingen, brengen wij u verslag uit in het kader van ons mandaat van commissaris. Dit verslag omvat ons oordeel over de jaarrekening evenals de vereiste bijkomende vermeldingen.
Verklaring zonder voorbehoud over de jaarrekening, met toelichtende paragraaf
Wij hebben de controle uitgevoerd van de jaarrekening over het boekjaar afgesloten op 31 december 2009, opgesteld overeenkomstig het in België van toepassing zijnde boekhoudkundig referentiestelsel, met een balanstotaal van € 29.258.998 en waarvan de resultatenrekening afsluit met een winst van het boekjaar van € 3.192.655.
Verantwoordelijkheid van de raad van bestuur voor het opstellen en de getrouwe weergave van de jaarrekening
Het opstellen van de jaarrekening valt onder de verantwoordelijkheid van de raad van bestuur. Deze verantwoordelijkheid omvat: het opzetten, implementeren en in stand houden van een interne controle met betrekking tot het opstellen en de getrouwe weergave van de jaarrekening die geen afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of het maken van fouten bevat; het kiezen en toepassen van geschikte waarderingsregels; en het maken van boekhoudkundige schattingen die onder de gegeven omstandigheden redelijk zijn.
Verantwoordelijkheid van de commissaris
Het is onze verantwoordelijkheid een oordeel over deze jaarrekening tot uitdrukking te brengen op basis van onze controle. Wij hebben onze controle uitgevoerd overeenkomstig de wettelijke bepalingen en volgens de in België geldende controlenormen, zoals uitgevaardigd door het Instituut van de Bedrijfsrevisoren. Deze controlenormen vereisen dat onze controle zo wordt georganiseerd en uitgevoerd dat een redelijke mate van zekerheid wordt verkregen dat de jaarrekening geen afwijkingen van materieel belang bevat.
Overeenkomstig deze controlenormen hebben wij controlewerkzaamheden uitgevoerd ter verkrijging van controle-informatie over de in de jaarrekening opgenomen bedragen en toelichtingen. De keuze van deze controlewerkzaamheden hangt af van onze beoordeling alsook van onze inschatting van het risico dat de jaarrekening afwijkingen van materieel belang bevat als gevolg van fraude of het maken van fouten.
Bij het maken van onze risico-inschatting houden wij rekening met de bestaande interne controle van de vennootschap met betrekking tot het opstellen en de getrouwe weergave van de jaarrekening ten einde in de gegeven omstandigheden de gepaste werkzaamheden te bepalen, maar niet om een oordeel te geven over de effectiviteit van de interne controle van de vennootschap. Wij hebben tevens de gegrondheid van de waarderingsregels, de redelijkheid van de betekenisvolle boekhoudkundige schattingen gemaakt door de vennootschap, alsook de voorstelling van de jaarrekening, als geheel beoordeeld. Ten slotte hebben wij van de raad van bestuur en van de verantwoordelijken van de vennootschap de voor onze controlewerkzaamheden vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen. Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie een redelijke basis vormt voor het uitbrengen van ons oordeel.
Oordeel
Naar ons oordeel geeft de jaarrekening afgesloten op 31 december 2009 een getrouw beeld van het vermogen, de financiële toestand en de resultaten van de vennootschap, overeenkomstig het in België van toepassing zijnde boekhoudkundig referentiestelsel.
Zonder de hierboven vermelde verklaring zonder voorbehoud in het gedrang te brengen, vestigen wij de aandacht op het jaarverslag, waarin de Raad van Bestuur, overeenkomstig de Belgische wettelijke verplichtingen, een aantal onzekerheden heeft toegelicht, waarvan de toekomstige financiële impact op dit ogenblik niet kan worden bepaald. Dit is als volgt in het jaarverslag van de Raad van Bestuur toegelicht:
“De raad van bestuur merkt op dat er inzake de bepalingen van het gewijzigde artikel 96,1° W.Venn. geen referentiestelsel bestaat, noch richtlijnen zijn opgenomen op welke wijze het bestuursorgaan de notie “een beschrijving van de voornaamste risico’s en onzekerheden waarmee de vennootschap geconfronteerd wordt†dient te interpreteren. Het is in deze context dat de raad van bestuur er de aandeelhouders wil op wijzen dat er onzekerheden bestaan die een mogelijk effect kunnen hebben op de financiële toestand van de vereniging maar waarvan het effect momenteel onmogelijk kan worden bepaald:
- De procedure die door de stad Beringen bij diverse gerechtshoven werd ingeleid tegen de fusie, en waarvan de uitkomst niet kan worden voorspeld.
- De saneringsopdracht, in het kader van het bodemsaneringsdecreet, die blijkens een oriënterend bodemonderzoek mogelijk te doen is doch waarvan de financiële gevolgen momenteel onbekend zijn. De toekomstige kosten moeten, conform de statutaire bepalingen, ten laste worden genomen door de vroegere eigenaars (de deelnemers van de betrokken voorfusie vereniging).
- Een onzekere vordering op de BTW die conform de aandeelhoudersovereenkomst een mogelijke financiële impact heeft
voor een bepaalde categorie van deelnemers. De oorzaak is een geschil (daterend van voor de fusie) met de btwadministratie omtrent de toepassing van aftrek op kosten voor het indirect inzamelen van verpakkingsafval (verpakkingsafval in de vuilniszak) dat nog niet is uitgeklaard. Het omstreden principe wordt sedert het boekjaar 2007 veralgemeend toegepast.â€
Ten aanzien van de in voorgaand punt opgenomen vordering op de BTW vermelden wij dat deze een bedrag ad ca. € 1,4 miljoen vertegenwoordigt per 31 december 2009 en opgenomen is in de rubriek 41 “overige vorderingen†in de jaarrekening.
Bijkomende vermeldingen
Het opstellen en de inhoud van het jaarverslag, alsook het naleven door de vennootschap van het Wetboek van vennootschappen en van de statuten, vallen onder de verantwoordelijkheid van de raad van bestuur.
Het is onze verantwoordelijkheid om in ons verslag de volgende bijkomende vermeldingen op te nemen die niet van aard zijn om de draagwijdte van onze verklaring over de jaarrekening te wijzigen:
-
Het jaarverslag behandelt de door de wet vereiste inlichtingen en stemt overeen met de jaarrekening. Wij kunnen ons echter niet uitspreken over de beschrijving van de voornaamste risico’s en onzekerheden waarmee de vennootschap wordt geconfronteerd, alsook van haar positie, haar voorzienbare evolutie of de aanmerkelijke invloed van bepaalde feiten op haar toekomstige ontwikkeling. Wij kunnen evenwel bevestigen dat de verstrekte gegevens geen onmiskenbare inconsistenties vertonen met de informatie waarover wij beschikken in het kader van ons mandaat.
-
Onverminderd formele aspecten van ondergeschikt belang, werd de boekhouding gevoerd overeenkomstig de in België van toepassing zijnde wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften.
-
Wij dienen u geen verrichtingen of beslissingen mede te delen die in overtreding met de statuten of het Wetboek van vennootschappen zijn gedaan of genomen. De verwerking van het resultaat die aan de algemene vergadering wordt voorgesteld, stemt overeen met de wettelijke bepalingen.
-
Wij dienen evenwel mede te delen dat de verwerking van het resultaat die aan de algemene vergadering wordt voorgesteld, niet overeenstemt met de statutaire bepalingen ten aanzien van de uitgekeerde en nog uit te keren “preferente dividendenâ€. In het jaarverslag van de Raad van Bestuur is dit toegelicht in het hoofdstuk “preferente dividendenâ€. Bij de statutenwijziging van 17 juni 2009 zijn de bepalingen ten aanzien van preferente dividenden uit de statuten geschrapt en het huidig artikel 45 van de statuten voorziet geen preferente dividenden. Over het gedeelte van de jaarwinst ad € 2.914.914, welke als onderdeel van het bis-preferent dividend werd uitgekeerd is geen wettelijke reserve gevormd. (zoals voorzien in artikel 45 voornoemd) Het uit het voorstel van de raad van bestuur resulterende totaalbedrag aan bis-preferente dividenden voor het boekjaar 2009 ad € 4.102.891 is in overeenstemming met de bepalingen van het addendum d.d. 17 juni 2009 aan de Aandeelhoudersovereenkomst van 31 december 2005 vastgesteld en in de jaarrekening 2009 verwerkt.
Hasselt, 3 mei 2010
Ernst & Young Bedrijfsrevisoren BCVBA Commissaris Vertegenwoordigd door
Stefan OLIVIER Vennoot
|